Klik hier voor een overzicht van alle pagina's
De twee Verbonden
In een helder betoog dat eigenlijk niet misverstaan kan worden stelt hij eerst die twee Verbonden - het Verbond der Genade en het Verbond der Wet - tegenover elkaar. Op zeer duidelijke wijze toont hij aan, dat elk Verbond op zichzelf staat en een verschillend doel beoogt, zodat het eerste door het tweede ook niet opgeheven of veranderd kan worden.
"Broeders! ik spreek naar de mens; zelfs eens mensen verbond, dat bevestigd is, doet niemand teniet, of niemand doet daartoe." Gal. 3:15
Hij wil zeggen dat als zelfs mensen niet tornen aan een gesloten verbond, God het dan zeker niet doet.
God heeft een Verbond gemaakt met Abraham en zijn zaad. Sommigen menen ten onrechte dat wij en onze kinderen dat zaad zijn.
Laat ons echter nauwkeurig lezen wat er staat: "Nu, zo zijn de beloftenissen tot Abraham en zijn Zaad (enkelvoud!) gesproken. Hij zegt niet: En de zaden, als van velen, maar als van één: En uw zade; hetwelk is Christus." Gal. 3:16
Dat Verbond is dus gemaakt met Abraham en Christus en houdt in, dat in Christus al de geslachten der aarde gezegend zullen worden. Gal. 3:8; Gen. 12:3; 18:8; 22:18; 26:4; 40:10; Hand. 3:25
Nu toont de Apostel aan,- dat dit Verbond der Genade, dat in werking zou treden door de komst van Christus, niet opgeheven kon worden door de latere Wet. "En dit zeg ik: het Verbond, dat tevoren van God bevestigd is op Christus, wordt door de Wet, die na vierhonderd en dertig jaren gekomen is, niet krachteloos gemaakt, om de beloftenis teniet te doen." Gal. 3:17
Wij hebben nl. dit: God heeft het onvoorwaardelijke "Verbond der Genade" gesloten met Abraham en Christus. Om het speciale karakter van dit "Verbond" naar voren te brengen noemt Paulus het in het volgende vers: "de beloftenis genadiglijk gegeven", waarmede hij als het ware nog eens onderstreept, dat Abraham (en zijn nakomelingen) geen actieve partij in dit Verbond zijn en nooit door enige daad "een recht" op de vervulling der gegeven "beloftenis" kunnen doen gelden. Gal. 3:18 Zodat het Verbond der Wet, dat wél verplichtingen oplegt aan de partij (Israël) waarmee het was aangegaan en beloften bevat voor hen die de verplichtingen nakomen, een geheel ander karakter heeft: het is voorwaardelijk.
Dat betekent echter niet, zegt Paulus, dat het verandering brengt in het eerste Verbond en de belofte krachteloos maakt. De bedeling der Wet is op een zeker ogenblik (430 jaar later) en met een zeker doel in werking gesteld totdat door Zijn dood en opstanding de Christus zou verschijnen, Die het Verbond der Genade van kracht zou doen worden: de nieuwtestamentische Waarheid werd onthuld.
|